lavendel

Lavendel is een struik uit de lipbloemenfamilie en komt oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied. De struik is terug te vinden in veel tuinen vanwege zijn prachtige paarse kleur en heerlijke geur. Verder trekt de plant ook veel insecten aan zoals hommels en vlinders.

Een lavendelstruik wordt niet meer dan een meter hoog en niet meer dan een halve meter breed. De bloei begint half juni en kan tot eind augustus duren. Er zijn vele verschillende soorten lavendel, maar in Nederland komt de Lavendel Angustifolia het meeste voor.

AANPLANTEN & BEMESTING

Lavendel dient 30 centimeter uit elkaar gepland te worden. De struik doet het het beste op een zonnige, droge plaats in stenige, kalkhoudende grond. Planten kan het hele jaar door, zolang het niet te streng vriest. Bemesten is niet nodig.

SNOEIEN VAN LAVENDEL

Om te voorkomen dat de lavendelstruik een massieve struik met dikke takken wordt, moet deze twee maal per jaar gesnoeid worden. De eerste snoei vindt plaats in de tweede helft van maart. Bij deze snoei kan de lavendel tot 15 centimeter boven de grond worden gesnoeid. De tweede snoei vindt plaats in de periode van augustus tot oktober na de bloei. Deze keer worden alleen de bloemen verwijderd.

ZIEKTEN

Lavendel is een zeer sterke plant die weinig ziektes kent. Een ziekte die wel voor kan komen is schuimcicade. Schuimcicaden zijn kleine beestjes van slechts enkel millimeteren groot met een lichtbruine kleur. Deze beestjes zuigen het plantensap uit de bladeren en stengels en veroorzaken daarmee groeiremmingen en kromtrekkingen. De ziekte komt met name voor in het voorjaar en in de vroege zomer en is te herkennen aan schuimhoopjes die aan de plant kleven. Er zijn producten te koop om de schuimcicaden te bestrijden (bijv. Spruzit van Ecostyle).

BEPLANTING